OMG Amsterdam
- Home
- Artsen
- Info over OMG
- Consult
- Oefeningen
- Werkrooster
- Indicaties
- Kosten
- Contact
- Route
- FAQ
- Links |
Het consult
Tijdens het eerste consult zal naar de aard van de klachten worden gevraagd en naar uw medische voorgeschiedenis. Daarna volgt een lichamelijk onderzoek. Afhankelijk van de klachten zal er een neurologisch en/of orthopedisch onderzoek worden verricht maar vooral een orthomanueel geneeskundig onderzoek. Bij sommige patiënten zal het maken van röntgenfoto's wenselijk zijn om bepaalde aandoeningen uit te sluiten. Veelal zijn patiënten met langdurige problemen al in het bezit van röntgenfoto's. Indien nodig zullen deze na overleg met u ter inzage worden opgevraagd.
De arts zal met u de diagnose bespreken en aan de hand daarvan bepalen of een adequate behandeling mogelijk is. Mocht dat niet het geval zijn, dan zal hij u naar uw huisarts of naar een andere specialist of therapeut doorverwijzen.
Na het onderzoek wordt er een behandelplan opgesteld en besproken. De behandeling heeft tot doel de standafwijkingen op te heffen. De oorspronkelijke functie van de wervelkolom en het zenuwstelsel kan zich dan herstellen. Met behulp van een aantal behandelkussens wordt de patiënt in een zodanige houding gelegd dat de arts de scheefstaande wervels weer in de juiste positie kan brengen. Dat gebeurt op twee manieren: handmatig, d.w.z. manueel dan wel met behandelapparatuur: de zogenaamde hamer- en dreveltechniek. Er wordt wervel voor wervel gecorrigeerd. Het is zuiver een kwestie van techniek. Niet alle wervels kunnen in één consult gecorrigeerd worden. Daarom zijn er meestal enkele behandelingen nodig. Het aantal consulten verschilt per patiënt. Dit hangt af van de uitgebreidheid en aard van de standafwijkingen. Gemiddeld zijn twee tot drie, soms vier behandelingen noodzakelijk. De patiënt komt meestal eens per week terug.
In de eerste dagen na de behandeling kan enige napijn optreden, ook op plaatsen waar normaal geen klachten waren. Na de laatste behandeling kan het nog verscheidene weken duren eer de oorspronkelijke klachten verminderen of verdwijnen. Over het algemeen wordt geadviseerd een periode van zes weken af te wachten. Door de correcties treedt er andere spierspanning op en verandert de houding. Het lichaam heeft tijd nodig om zich aan te passen. Na drie maanden vindt in sommige gevallen een controle plaats.
Behalve de orthomanueel geneeskundige behandeling worden vaak ook adviezen gegeven met betrekking tot werk, belasting van het lichaam, orthesen (bijv. inlegzolen), sportbeoefening etc. Globale instructies voor oefeningen worden soms gegeven, maar als echte oefentherapie of training aanvullend nodig is dan wordt hiervoor een verwijzing meegegeven. |